Time-to-Market maakt of breekt de Business Case

Voor maakbedrijven die hun eigen producten ontwerpen, is productontwikkeling niet alleen een technisch proces, maar een strategische race. In een wereld waar technologieën razendsnel evolueren en concurrenten op de loer liggen, is snelheid – de tijd van idee tot marktintroductie – vaak de doorslaggevende factor voor succes. Eliyahu Goldratt, grondlegger van de Theory of Constraints (TOC), benadrukte dat het sneller opleveren van nieuwe producten cruciaal is om de window-of-opportunity te benutten en de business case te versterken. In deze blog leg ik uit waarom maakbedrijven die zelf ontwerpen hun focus moeten verleggen naar snelheid, en waarom traditionele financiële methoden zoals de Discounted Cash Flow (DCF) of Netto Contante Waarde (NCW) vaak tekortschieten in deze dynamische context.

De Window-of-Opportunity: Snelheid als Concurrentievoordeel

Goldratt wees erop dat elk nieuw product een beperkte window-of-opportunity heeft – de periode waarin het maximale marktimpact kan hebben voordat concurrenten reageren of alternatieve technologieën de markt overnemen. Voor maakbedrijven, die vaak investeren in complexe ontwerpen en productielijnen, is het benutten van deze window essentieel. Een product dat zes maanden eerder op de markt komt, kan:

  • Groter marktaandeel veroveren: De eerste speler in de markt wint vaak klantloyaliteit en een dominante positie.
  • Hogere marges behalen: Een uniek product kan premium prijzen vragen voordat prijsconcurrentie begint.
  • Merkwaarde versterken: Vroege introductie positioneert je als innovator, wat langdurige voordelen oplevert.

Maar vertragingen – door bottlenecks in ontwerp, productie of resourceplanning – kunnen deze window doen krimpen of zelfs sluiten. Goldratt illustreerde dit in Necessary But Not Sufficient: een technologiebedrijf dat te laat levert, kan 70% van de verwachte omzet mislopen omdat concurrenten de markt al hebben ingenomen. Voor maakbedrijven betekent dit dat een vertraagde introductie van een nieuw product niet alleen omzet kost, maar ook de business case ondergraaft door gemiste kansen en hogere marketingkosten om marktaandeel terug te winnen.

Critical Chain Project Management: De Sleutel tot Snelheid

Hoe zorg je ervoor dat je als maakbedrijf sneller levert? Goldratt biedt een krachtige oplossing met Critical Chain Project Management (CCPM), een TOC-methode die specifiek is ontworpen om projectdoorlooptijden te verkorten. CCPM richt zich op:

  • Identificeren van de kritieke keten: De langste reeks afhankelijke taken, rekening houdend met resourcebeperkingen, bepaalt de projectduur.
  • Elimineren van multitasking: Door resources te focussen op één taak tegelijk, voorkom je inefficiëntie en versnelling.
  • Strategisch bufferbeheer: Buffers (project-, feeding- en resourcebuffers) vangen onzekerheden op, terwijl de voortgang wordt gemonitord via bufferconsumptie (groen, geel, rood).

Goldratt toonde aan dat CCPM de ontwikkeltijd vaak met 25-50% kan verkorten. Voor maakbedrijven betekent dit dat een nieuw product – zoals een innovatieve machine of een geavanceerd consumentenproduct – sneller van ontwerp naar productie naar klant kan gaan, precies binnen de window-of-opportunity.

De Fout van DCF/NCW: Een Statische Blik op een Dynamische Markt

Veel maakbedrijven vertrouwen op de Discounted Cash Flow (DCF) of Netto Contante Waarde (NCW) methode om de business case voor productontwikkeling te evalueren. Hoewel deze methode nuttig is om toekomstige kasstromen te verdisconteren naar hun huidige waarde, heeft ze ernstige tekortkomingen in dynamische markten. Hier is waarom DCF/NCW vaak misleidt:

  1. Houdt Geen rekening met concurrenten
  2. Negeert concurrerende technologieën
  3. Onderschatting van opportunity costs
  4. Statische aannames over tijd

Kortom, het is een statisch instrument dat de dynamiek van snelheid en concurrentie negeert, waardoor maakbedrijven risico’s nemen op basis van onrealistische aannames. Dit kan leiden tot verkeerde prioriteiten, zoals kostenbesparing boven snelheid, wat de business case verzwakt.

Een Betere Aanpak: Throughput Accounting en Snelheid

Goldratt pleitte voor Throughput Accounting als alternatief voor traditionele financiële methoden. Deze TOC-aanpak meet prestaties op basis van:

  • Throughput: De snelheid waarmee je geld genereert door verkoop.
  • Investeringen: Geld vast in het systeem (bijv. voorraad of ontwikkelkosten).
  • Operationele kosten: Kosten om throughput te genereren.

Bijvoorbeeld: Stel dat een maakbedrijf een nieuw type industriële pomp ontwikkelt. Met CCPM kan het de ontwikkeltijd verkorten van 18 naar 12 maanden, waardoor het product binnen de window-of-opportunity wordt gelanceerd. Dit leidt tot 6 maanden extra verkoop, hogere marges (door een premium prijs), en een sterker marktaandeel. Throughput Accounting kwantificeert deze voordelen, terwijl DCF/NCW ze waarschijnlijk zou onderschatten door de focus op lange-termijn kasstromen.

Conclusie: Snelheid is de Nieuwe Standaard

Voor bedrijven die hun eigen producten ontwerpen, is snelheid geen luxe, maar een noodzaak. De window-of-opportunity is kort, en de kosten van vertragingen zijn enorm – niet alleen in gemiste omzet, maar ook in verloren concurrentievoordeel. Traditionele methoden zoals DCF/NCW falen in het vastleggen van deze dynamiek, omdat ze concurrenten, concurrerende technologieën en de waarde van snelheid negeren. Door Goldratts Critical Chain Project Management en Throughput Accounting te omarmen, kunnen bedrijven hun time-to-market verkorten, hun business case versterken, en de markt voor blijven.

Lees verder »

Reputatiemanagement: stille kracht achter bedrijfssucces

Stel je voor: een Boeing 737 MAX verliest mid-flight een deurpaneel. De wereld kijkt toe, krantenkoppen schreeuwen, en binnen weken keldert Boeing’s aandeel met 20%. Miljarden aan marktwaarde verdampen. Dit is geen hypothese, maar de realiteit van een slecht beheerde reputatie. Uw merk is meer dan een logo – het is de ruggengraat van uw omzet, klantloyaliteit en toekomstige groei. Dit is waarom reputatiemanagement nú uw topprioriteit moet zijn.

De harde cijfers van reputatie

Laten we reputatie in euro’s uitdrukken. Stel, uw bedrijf draait €10 miljoen jaaromzet. Als reputatieschade uw omzet in tien jaar volledig kan wegvagen – denk aan verloren klanten of marktaandeel – is uw reputatie jaarlijks €1 miljoen waard. Conservatief geschat, want crises brengen ook juridische kosten, PR-inspanningen en gemiste kansen.

Kijk naar Boeing: na het 737 MAX-schandaal en een deurplug-incident in 2024 verloor het bedrijf €18,6 miljard door directe kosten en zag de omzet in 2019 met 24% dalen. Volkswagen’s Dieselgate kostte €2,5 miljard in één kwartaal, met een aandelendaling van 30%. Dit zijn geen incidenten, maar waarschuwingen: een zwakke reputatie kost miljoenen – soms miljarden.

Vergelijk dit met uw marketingbudget. Bedrijven besteden vaak 5-10% van hun omzet aan nieuwe klanten werven. Maar een sterk merk behoudt bestaande klanten – vaak lucratiever – én trekt nieuwe aan. Een robuuste reputatie verlaagt acquisitiekosten en boost loyaliteit. Waarom zou u miljoenen in marketing pompen als uw reputatie de echte groeimotor is?

Proactief sturen, geen pleisters plakken

Reactief monitoren – klantreviews checken na een crisis – is damage control. Te laat. Bouw reputatie op vóór de storm. Hoe?

  • Veranker het in uw strategie: Maak reputatie een KPI, zoals klanttevredenheid of leverbetrouwbaarheid. Vraag bij élk MT-besluit: “Versterkt dit ons merk?”
  • Betrek uw mensen: Koppel personeelsevaluaties aan reputatie. Beloon klantgerichtheid, kwaliteit en ethiek. Maak vertrouwen een gedeelde missie.

Door reputatie in uw cultuur te verankeren, creëert u een merk dat stakeholders vertrouwen – van klanten tot investeerders.

De valkuil van kortetermijndenken

Hoort u voorstellen voor “kostenbesparing” of “efficiëntie”? Pas op! Dit zijn geen doelen, maar gevolgen van betrouwbare processen. Besparingen die kwaliteit ondermijnen of beloftes breken, sturen een giftig signaal: We kiezen snelle winst boven vertrouwen. Klinkt als een koopje, maar de rekening komt later – in verloren vertrouwen en een geknakt merk.

Boeing leerde dit op een heel dure manier: de focus op winst boven veiligheid leidde tot crashes en een reputatiecrisis die jaren groei vertraagde. Efficiency is niet uw doel! Vertrouwen wel. Dat verschil bepaalt uw toekomst.

Uw reputatie is uw kapitaal

Uw merk bepaalt welke deuren morgen opengaan. Koester uw reputatie! Door reputatiemanagement te verankeren in strategie, cultuur en evaluaties, bouwt u een bedrijf dat vertrouwen uitstraalt en ongeëvenaard succes garandeert. De waarde? Waarschijnlijk groter dan al uw marketing- en salesinspanningen samen.

Start vandaag. Welke stap zet ú om te voorkomen dat uw merk het volgende Boeing wordt?

Lees verder »

Propositie – veel meer dan je ziet, meer dan je voelt…

Propositie is een term voor dat wat je biedt aan je klant en je doelgroep. En dat gaat veel verder dan wat je ziet, tast en ruikt. Je klant ervaart veel meer dan de kenmerken van je product; zij ervaart namelijk je hele bedrijf! Alles wat je doet en wat je laat in je bedrijf, van de inkoop, productie, verkoop tot en met de aflevering en facturering, is de verpakking van je product of dienst. Die verpakking telt zwaarder mee dan je denkt. En daar kun je je mee onderscheiden in de markt.

Onderscheidend zijn is zeer essentieel in een overvolle markt, met steeds lagere toetredingsdrempels; ofwel, het is steeds makkelijker voor een nieuwe partij om ook in jouw markt te komen. Een goed gekozen en gecultiveerd onderscheid van je concurrenten, ook wel positionering genoemd, maakt dat jij gevonden wordt in plaats van dat jij klanten moet gaan zoeken. Een wereld van verschil.

Lees verder »

Marketing: dat is jezelf betere vragen stellen

Een tijdje terug hebben we gesprekken gevoerd met de bierbrouwer en de directeur van het bierbedrijf Gulpener uit Limburg. Hun definitie van MVO (Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen), zeg maar Duurzaam, is: “Meerwaarde creëren voor de omgeving, in alles wat je doet.”

Dat gaat veel verder dan ‘green washing’… een sausje groen om het geweten van ons moderne consumenten te sussen. En dat kan omdat de eigenaren geduld hebben en een lange-termijn visie, met een oprecht verantwoordelijkheidsgevoel.

Lees verder »

Het omslagpunt: eerst langzaam, dan heel snel

Uit welk jaar denkt u dat de eerste digitale fotocamera komt? Wanneer kocht u uw eerste digitale camera?

Als u denkt aan het moment dat u en uw vrienden er een kochten is dat waarschijnlijk rond het jaar 2000. De digitale camera is echter al uitgevonden door Kodak rond 1975 (zie foto). Het heeft dus tot het ontstaan van de massamarkt grofweg 25 jaar geduurd. Vijfentwintig jaar! Maar daarna is het ook heel hard gegaan. En dat is een mooi voorbeeld van de ‘S-curve’ in innovatie.

Lees verder »

“Ik ook” – de sterke kracht van de groep

Stel, je komt je hotelkamer binnen, gaat naar de badkamer en ziet een bordje dat je oproept om de handdoeken te hergebruiken voor het milieu. Minder wassen is minder energie en minder milieuschade … We hebben het allemaal al vaak beleefd. Welke van de volgende bordjes zou je het meeste aanspreken, en tot handelen overhalen?

Lees verder »

Alles is relatief, ook een prijs. Juist een prijs…

Welke van de twee oranje cirkels is het grootste?

Is een TV van €1000 duur of niet? Als wij een prijs zien, kunnen we daar alleen maar iets van vinden in vergelijking met een ander product of dienst. Dat betekent dat prijs een relatief begrip is. En dit leidt tot opmerkelijk en irrationeel menselijk gedrag …

Als u net als ik geïntrigeerd bent door wetenschappelijk geverifieerde inzichten over menselijk gedrag, luister dan naar dit inzicht over hoe wij de waarde en prijs van een product beoordelen. Het is gebaseerd op onderzoek van Dan Ariely, professor in de psychologie en gedragseconomie en onder andere beschreven in Voorspelbaar Irrationeel (*).

Lees verder »

Doe het anders
#innovatie

Elke ondernemer wil dat zijn product en dienst zich onderscheidt van de concurrentie. Dat maakt het verkopen makkelijker. En als dat goed is gedaan verkoopt het zichzelf: een ‘remarkable product’. Bovendien geeft dit je ook meer voldoening.

Hoe doe je dat?

Berenschot heeft voor haar jaarlijkse ‘Strategy Trends‘-onderzoek aan ondernemers gevraagd naar hun plannen om hun product te onderscheiden. En de uitkomst is verontrustend.

Lees verder »

Het gat in de markt, niet in de muur

Volgens betrouwbare bron was er ooit een directeur bij Mars, één van de eigenaren, die altijd met een los boortje in de zak van zijn jasje liep, waar een normaal mens misschien een pochet zou doen. Als een medewerker dan iets ‘verkeerds’ zei over hun onvolprezen suikergoed dan kon hij boos het boortje op tafel smijten en roepen: ‘They want a hole in the wall, not a drill!’ met daarna nog een krachtterm die de grote wijsheid en de autoriteit van de afzender moest onderstrepen.

Lees verder »

De kracht van verbeelding: mindset
#innovatie

Het was voor mij, opgeleid tot technisch ingenieur, een lange weg om te accepteren dat onze geest sterk is; zo sterk dat zij werkelijkheden maakt. Dat klinkt misschien bizar: Materie is tastbaar en geest is zo’n beetje het tegenovergestelde, zo is mij geleerd.

Wat kunnen we allemaal met onze geest?

Lees verder »

Elon Musk - The tough thing is figuring out what questions to ask.

Elon Musk:
“The tough thing is figuring out what questions to ask.
The rest is really easy.”

Foto: Copyright © MotorTrend

Lees quote »

MKB-export-index!
#innovatie

De AEX-index, die meerdere keren per dag op alle radio- en televisiejournaals wordt gemeld, vertelt dat het weer iets beter gaat met Nederland. Hij krabbelt weer een beetje op. Maar een pessimist kan naar het hoogteverschil met de top voor 2008 kijken. Het is allemaal relatief natuurlijk. En een gevolg van onze stemming en emoties.

Wat belangrijker is dat deze AEX-index een zeer beperkt verhaal vertelt van de Nederlandse economie. Het is helemaal geen spiegel. In het boek ‘Super Nederland’ bijvoorbeeld wordt voorgerekend dat in 2009 de 25 grote bedrijven die met elkaar de AEX-index beïnvloeden slechts €1,8 miljard aan vennootschapsbelasting en 284.000 werkplekken boden. Dat is respectievelijk 12% en 14% van het totaal in Nederland; niet zo zwaarwegend.

Waar kunnen we ook naar kijken?

Lees verder »

Dit archief bevat momenteel (nog) geen inhoud.